Maandelijks archief: oktober 2016

Andere onteigeningen

Afbeeldingsresultaat voor site:ilocate.nl

Andere onteigeningen Naast de onteigening op basis van Titel IV, komt de onteigening op basis van Titel IIa, ten behoeve van wegen en dergelijke, vaak voor. De bestuurlijke procedure verloopt als volgt: 1 De Kroon besluit tot onteigening nadat zij de Raad van State heeft gehoord (art. 72a OW). Het besluit bevat het onteigeningsplan en een precieze beschrijving van de te onteigenen zaak: de grootte van de te onteigenen grond, de namen van de eigenaar(s) en de winkel huren rotterdam kadastrale aanduidingen (art. 63 OW).
8.5 Onteigeningswet 315
2 Gedeputeerde Staten wordt verzocht een commissie uit hun midden te benoemen om een advies over het onteigeningsplan op te stellen. 3 De commissie past daartoe de uniforme openbare voorbereidingsprocedure toe uit afdeling 3.4 Awb. 4 De commissie brengt binnen zes weken na de benoeming, nadat de stukken ter inzage hebben gelegen en een hoorzitting is gehouden, winkel huren zwolle advies uit. Ze voegt daarbij het verslag van de hoorzitting(en) en haar mening over de ingebrachte zienswijzen. 5 Binnen zes maanden – een fatale termijn – nadat de commissie met haar werk gereed is, besluit de Kroon over de onteigening, de Raad van State gehoord.
Onteigening op basis van Titel IIa kan plaatsvinden als er geen bestemmingsplan is vastgesteld waarin de aan te leggen weg is bestemd. Onteigeningen op basis van de Titels II (dijken en dergelijke), IIb (drinkwatervoorziening), Ik (oppervlaktedelfstoffen) en VII (landinrichting) vinden op winkel huren amsterdam (vrijwel) gelijke wijze plaats als de besproken onteigening voor wegen en dergelijke op basis van Titel IIa. De onteigening van Titel III (in geval van buitengewone omstandigheden) kan geschieden op last van de hoogste burgerlijke of militaire overheid indien onmiddellijke inbezitneming noodzakelijk wordt geacht. De onteigening van octrooien van uitvinding vindt plaats bij wet (art. 97 OW). Dit kan bijvoorbeeld als men vindt dat uitsluitend de Staat het octrooirecht moet hebben, voor militaire doeleinden. Ook is winkel huren arnhem een dergelijke onteigening mogelijk als het algemeen nut vordert dat iedereen in de gelegenheid wordt gesteld de uitvinding toe te passen.

Leefmilieuverordening en stadsvernieuwingsplan

Afbeeldingsresultaat voor site:ilocate.nl

Zolang de modernisering of vervanging niet heeft plaatsgevonden, wordt het gebruik daarvan geacht af te wijken van het plan (art. 32 lid 2 WSDV). Voor deze bepaling is een onteigeningsmogelijkheid in de wet opgenomen. Hierdoor wordt de uitvoering van het plan wat winkel huren rotterdam vergemakkelijkt. Art. 35 WSDV bepaalt dat de in het stadsvernieuwingsplan opgenomen grond waarvan het gebruik afwijkt, geacht wordt te zijn aangewezen krachtens art. 13 lid 1 WRO. Daardoor wordt het dus mogelijk om de onteigening versneld te laten plaatsvinden. Bij het stadsvernieuwingsplan moet een uitvoeringsschema worden gevoegd, dat onder andere aangeeft (art. 33 WSDV):
300 8 Overige wetten voor winkel huren zwolle ruimtelijke ordening en volkshuisvesting
de volgorde van uitvoering; het tijdstip waarop het plan of onderdelen ervan moeten zijn voltooid; de geraamde kosten, opbrengsten en de dekking van eventuele tekorten; de wijze waarop inspraak plaatsvindt.
Evenals het bestemmingsplan kan het stadsvernieuwingsplan globaal zijn, waarbij de uitwerking aan burgemeester winkel huren amsterdam en wethouders is opgedragen. Het aantal gemeenten dat stadsvernieuwingsplannen maakt, blijkt schaars te zijn.
Tabel 8.1 geeft de verschillen tussen de leefmilieuverordening en het stadsvernieuwingsplan schematisch weer.
Tabel 8.1 Leefmilieuverordening en stadsvernieuwingsplan
Geeft geen onteigeningstitel Is niet op uitvoering maar op bescherming gericht Geeft verbodsbepalingen voor bepaalde activiteiten (bouwen, slopen) Voorschriften hebben betrekking op het grondgebied waarvoor de verordening geldt
Stadsvernieuwingsplan
Geeft wel onteigeningstitel Is op uitvoering gericht
Geeft bestemmingen aan gronden binnen het plangebied Voorschriften hebben betrekking op bestemmingen die in het plan zijn gegeven
8.1.3 Relatie met andere winkel huren arnhem wetgeving De WSDV heeft raakvlakken met de Wet voorkeursrecht gemeenten, de WRO en de Woningwet.
Wet voorkeursrecht gemeenten Het toepassingsbereik van de Wet voorkeursrecht gemeenten (WVGem) strekt zich uit tot de gebieden waarvoor een stadsvernieuwingsplan geldt als bedoeld in de WSDV. Bij de bespreking van de Wet voorkeursrecht gemeenten (par. 8.9) zal hierop worden ingegaan.

Een instandhoudingstermijn

Afbeeldingsresultaat voor site:ilocate.nl

Een vergunning met een instandhoudingstermijn -een tijdelijke vergunning op grond van art. 45 Wonw -kan bovendien worden ingetrokken, indien de voorschriften omtrent het onderhoud en het gebruik niet worden nageleefd (art. 59 lid 2 Wonw).
Art. 6.21 Wro voegt nog een intrekkingsgrond toe in geval de exploitatiebijdrage niet wordt betaald. Burgemeester en winkel huren rotterdam wethouders kunnen terstond na het overschrijden van de termijn van betaling van een gedeelte of het geheel van de exploitatiebijdrage besluiten dat het bouwen niet kan aanvangen of moet worden gestaakt totdat aan de betalingsverplichtingen is voldaan. Indien niet binnen drie maanden na dit besluit de betaling is ontvangen, kunnen burgemeester en wethouders de bouwvergunning geheel of gedeeltelijk intrekken.
Er is geen procedure voorgeschreven voor het intrekkingsbesluit van de bouwvergunning. Art. 59 lid 5 zegt dat op de winkel huren zwolle voorbereiding van een intrekking van een bouwvergunning afdeling 3.4 Awb niet van toepassing is. Dat wil zeggen dat het volgen van die procedure wel mag, maar niet verplicht is.
6.8 Fasering bouwvergunning, openbaar register, intrekken bouwvergunning 281
Indien een wet zwijgt over de benodigde procedure ten aanzien van wijzigings- en intrekkingsbesluiten, geldt dat de procedurevoorschriften die gelden voor het oorspronkelijke besluit ook gelden voor de intrekking of wijziging daarvan. Het ligt daarom voor de hand dat, indien de bouwvergunning tot stand is gekomen met toepassing van afdeling 3.4 Awb (zoals op grond van art. 46 lid 5 of 50 lid 5 Wonw), voor de intrekking in die gevallen wel de afdeling 3.4 Awb-procedure wordt gevolgd.
Zienswijzen moeten winkel huren amsterdam worden ingewonnen op grond van art. 4:8 Awb:
‘1 Voordat een bestuursorgaan een beschikking geeft waartegen een belanghebbende die de beschikking niet heeft aangevraagd naar verwachting bedenkingen zal hebben, stelt het die belanghebbende in de gelegenheid zijn zienswijze naar voren te brengen indien: a de beschikking zou steunen op gegevens over feiten en belangen die de belanghebbende betreffen, en b die gegevens niet door de belanghebbende zelf ter zake zijn verstrekt. ( … )’
Een gedeeltelijke intrekking zal winkel huren arnhem betrekking moeten hebben op een te onderscheiden deel van het bouwwerk waardoor het resterende deel nog gerealiseerd kan worden.
Van de bij a genoemde onjuiste of onvolledige opgave is ook sprake als een aanvrager anders handelt dan hij bij zijn aanvraag bouwvergunning opgeeft. Een voorbeeld.

Woningwet: nieuwbouw

Afbeeldingsresultaat voor site:ilocate.nl

In een andere uitspraak zei de Afdeling: ‘Naarmate het bestemmingsplan meer keuze laat tussen verschillende mogelijkheden om de bouw te realiseren, zijn burgemeester en wethouders – met inachtneming van de uitgangspunten van het bestemmingsplan – vrijer in hun welstandsbeoordeling winkel huren rotterdam en zal deze minder snel geacht worden te leiden tot een belemmering van de verwezenlijking van de bouwmogelijkheden die
het bestemmingsplan biedt. Indien echter uit de voorschriften en de systematiek van het bestemmingsplan volgt dat zulk een keuze niet of slechts in beperkte mate aanwezig is – met name indien de bebouwingsmogelijkheden daarin gedetailleerd zijn aangegeven – vormt die opzet bij de welstandstoets een dwingend gegeven. In dat geval wordt de grens van de welstandstoets eerder overschreden.’ (ABRvS 18 februari 2000, AB 2000/186)
Als burgemeester en wethouders niet tijdig beslissen op een bouwaanvraag die past in het bestemmingsplan, wordt de vergunning geacht te zijn gegeven: een fictieve vergunning (art. 46 lid 6 Wonw). Een winkel huren zwolle dergelijke vergunning is niet bij voorbaat in beroep vernietigbaar omdat geen welstandsadvies is ingewonnen of omdat niet aan de redelijke eisen van welstand is getoetst, zo blijkt uit de uitspraak van de voorzitter van de Afdeling rechtspraak (ARRvS, 13 augustus 1993, AB 1994/574). De voorzitter overwoog eenvoudig dat burgemeester en wethouders aannemelijk hadden gemaakt dat het bouwplan voldeed aan redelijke eisen van welstand, hoewel geen welstandsadvies was aangevraagd. Het is uiteraard verstandig dat burgemeester en wethouders voorafgaand aan de beslissing op het Awb-bezwaarschrift tegen een dergelijke vergunning alsnog advies inwinnen van de winkel huren amsterdam welstandscommissie.
6.4.5 Monumenten Het is volgens art. 11 lid 2 onder a Monumentenwet 1988 verboden zonder of in afwijking van een vergunning een beschermd monument af te breken, te verstoren, te verplaatsen of in enig opzicht te wijzigen. De minister van OC en W wijst onroerende monumenten aan als beschermd (rijks)monument. Gemeenten en provincies kunnen ook monumenten aanwijzen op grond van hun monumentenverordening. De monumentenverordening steunt winkel huren arnhem op de eigen (autonome) bevoegdheid van art. 149 Gemw en 145 Provw. In de verordening staat veelal een vergelijkbaar verbod als in de Monumentenwet 1988.

De beheerder

Afbeeldingsresultaat voor site:ilocate.nl

De beheerder van de weg voor zover die in de tunnel ligt of zal liggen, of een andere rechtspersoon aan wie het wegbeheer voor de in de tunnel gelegen weg is of zal worden opgedragen, is tunnelbeheerder (art. 5 lid 2 Warvw). De tunnelbeheerder voor zowel spoor- als wegtunnels moet advies winkel huren rotterdam aan de commissie vragen over het bouwplan waarvoor bouwvergunning zal worden aangevraagd. De commissie bestaat uit experts die met deskundigheid is ten aanzien van alle uit oogpunt van interne en externe veiligheid van belang zijnde aspecten. Een belangrijk voordeel van de instelling van de commissie is dat wordt voorkomen dat bij de bouw en het gebruik van tunnels betrokkenen (overheden, initiatiefnemers, ontwerpers, tunnelbeheerders en weggebruikers) te maken krijgen met verschillende regimes voor verschillende soorten wegtunnels. De Warvw is tot winkel huren zwolle stand gekomen om een Europese richtlijn te implementeren: richtlijn nr. 2004/54/EG van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie van 29 april 2004 inzake minimumveiligheidseisen voor tunnels in het trans-Europese wegennet (PbEU L 167 en PbEU L 201).
Weigeringsgronden lichte bouwvergunning De weigeringsgronden voor de lichte bouwvergunning staan in art. 44 lid 1 onder a, c, d, e en f Wonw. Het zijn er minder dan bij de reguliere bouwvergunning; het gaat om het Bouwbesluit 2003, bestemmingsplan, welstand, monumentenvergunning en het bevriezende onderdeel van een provinciale verordening of AMvB met regels omtrent de inhoud van een bestemmingsplan. Weigeringsgrond a (Bouwbesluit 2003) is slechts van toepassing voor zover die voorschriften betrekking winkel huren amsterdam hebben op constructieve veiligheid.
De bouwvergunning mag dus niet geweigerd worden in andere gevallen dan hierboven genoemd. Zo is het niet van belang of de leges zijn betaald, andere vergunningen dan de monumentenvergunning zijn verleend of er een privaatrechtelijke belemmering is. Een geschil over de vraag wie eigenaar is van de grond waarop gebouwd wordt, kan niet leiden tot weigering van een bouwvergunning. In het kader van de verlening van een vrijstelling van een bestemmingsplan kunnen winkel huren arnhem privaatrechtelijke aspecten bij de belangenafweging wel een rol spelen (ABRvS van 18 mei 2005, BR 2005/1013). Overigens geldt ook andersom dat een onherroepelijke bouwvergunning niet het recht geeft een ander onrechtmatige hinder toe te brengen (Hof Amsterdam 29 januari 2004, BR 2004/550).

Bouwvergunningsvrij bouwen

Afbeeldingsresultaat voor site:ilocate.nl

Het uiterlijk van een bouwvergunningsvrij bouwwerk mag in strijd zijn met redelijke eisen van welstand. Indien echter de gemeente oordeelt dat er gebouwd is ‘in ernstige mate in strijd met redelijke eisen van welstand’ volgens de in de gemeente vastgestelde welstandscriteria, kunnen burgemeester en wethouders de eigenaar op grond van art. 13a Wonw aanschrijven (verplichten) om voorzieningen te treffen om het gebouwde aan te passen. Het gaat dus om winkel huren rotterdam een excessenregeling en de toetsing is achteraf Het is daarom verstandig dat iemand, voordat hij bouwvergunningsvrij gaat bouwen, bij de gemeente informeert naar de welstandscriteria.
Voor- en achterkant Bij het bepalen van de categorieën bouwvergunningsvrije, licht- en regulierbouwvergunningplichtige bouwwerken, heeft het verschil in voor- en achterkant van gebouwen een grote rol gespeeld. Vanuit stedenbouwkundige en welstandsoverwegingen is aan de achterkant veel vrij gelaten en aan de voorkant weinig. Deze voor- en achterkantbenadering heeft als uitgangspunt dat op plaatsen die grenzen aan het openbaar groen en de openbare weg in beginsel niet bouwvergunningsvrij mag worden gebouwd. Om te voorkomen dat zij- en achtererven dichtslibben met bouwvergunningsvrije winkel huren zwolle bouwwerken geldt een anticumulatieregel: vergunningsvrij gebouwde aan- en uitbouwen, bijgebouwen en overkappingen mogen samen niet meer dan 50% van het zij- of achtererf in beslag nemen (art. 2 onder a ten 5° en onder b ten 3° Bblb). Bovendien mag niet meer dan 30 m2 van het totale erf bebouwd worden met bouwvergunningsvrije bijgebouwen en overkappingen (art. 2 onder b ten 4° Bblb).
Voor een aantal bouwvergunningsvrije bouwwerken is het van belang of ze aan de voor- of achterkant worden gebouwd. Het gaat om: aan- en uitbouwen; bijgebouwen en overkappingen; kozijn- en winkel huren amsterdam gevelwijzigingen; dakkapellen; erf-of perceelsafscheidingen hoger dan 1 m.
Figuur 6.1 laat in grote lijnen zien wat de voor-en-achterkantbenadering betekent voor de genoemde bouwwerken. Alleen bijgebouwen en overkappingen kleiner dan 10 m2 mogen wel bouwvergunningsvrij tegen de grens met het buurerf worden gebouwd.
Figuur 6.1 Voor-en-achterkantbenadering
Bouwen binnen 1 meter van de grens privé· openbara groen I de weg: licht vergunningplichtig.
Bouwen binnen 1 meter van de grens melhet burenerl: licht vergunningplichtig. D Bouwen aan de vooBanl of eeo naar de weg of openbaar groen gekeerde zijde: lichl vergunningpllchllg.
Bron: Ministerie van VROM, brochure ‘De gewijzigde Woningwet’ september 2002
220 6 Woningwet: nieuwbouw
Aan de voorkant van een gebouw bevindt zich de voorgevel, het voorerf en het dakvlak aan de voorzijde van het gebouw. De voorgevel, waarvan er altijd maar één is, is bepalend voor het aanmerken van de winkel huren arnhem zijgevels en achtergevel. De aanwijzing als voorgevel moet afgeleid worden uit de voorgevelrooilijn van het bestemmingsplan. Mocht dat geen duidelijkheid opleveren, dan zijn de plaats van het huisnummer en de brievenbus, de hoofdingang van het gebouw en de hoofdontsluiting van het perceel doorslaggevend.