Corporate governance

Gerelateerde afbeelding

Corporale governance betreft de regeling van een aantal met elkaar samenhangende aspecten van leiding, toezicht, organisatie en positie van belanghebbenden die het beslissen over en bereiken van doelstellingen van in het bijzonder (grote) beursondernemingen bepalen. Ook de belangen van werknemers, consumenten, leveranciers, regio en milieu worden hierbij erkend als relevante aspecten waarmee rekening gehouden dient te worden in de bepaling en uitvoering van het beleid van een onderneming. Medezeggenschap en maatschappelijke verantwoordelijkheid zijn hierbij vanuit een breed en gedifferentieerd belang srakeholders·model van een onderneming in het zogenaamde ‘stakeholders-model’ uitdrukkelijk inbegrepen. De aandacht voor ‘corporale governance’ dient te bevorderen dat toezichthoudende organen zodanig functioneren dat zij de belangen van de verschillende ‘stakeholders’ dienen, waarbij deze toezichthoudende organen zoveel mogelijk ook vrij kunnen beschikken over informatie die zij nodig hebben voor het co-working space rotterdam uitoefenen van hun functie. Als in het kader van ‘corpora te governance’ wordt gelet op rechten en plichten van beschermingsconsrrucries aandeelhouders, de beschermingsconstructies, de transparantie van de corporate governance en de bestuursstructuur, dan scoort Nederland in vergelijkend onderzoek slecht in een selectie van zes Europese landen. In dit onderzoek waren de grote Nederlandse beursfondsen uit de AEX-index betrokken. Het Verenigd Koninkrijk komt als het beste uit de bus. Zweden en Frankrijk delen de tweede plaats. Dan volgen België, Duitsland en hekkensluiter Nederland. De laatste plaats heeft ons land te danken aan de opeenstapeling bij veel AEX-fondsen van constructies die ‘één aandeel, één srem’ het principe van ‘één aandeel, één stem’ doorbreken en aan het grote aantal bescherbeschermingsconsrrucries mingsconstructies waardoor overnames sterk worden bemoeilijkt. EU-Richtlijn Naar verwachting zal de dertiende EU-Richtlijn inzake overnamebiedingen hier niet veel in veranderen. Deze Richtlijn heeft namelijk geen gevolgen voor het Nederlandse zogenaamde structuurregime, prioriteitsaandelen en certificaten.
Onafhankelijk toezicht en controle Wereldwijd worstelt men in dit kader met het vraagstuk van de ‘onafhankelijkheid van het toezicht’, ofwel … ‘wie controleert de controleurs?’. .. In de Verenigde Staten leeft de wens om de onafhankelijke component binnen de ‘board of directors’ verder op te voeren. Het Britse Cadbury-rapport bepleitte eveneens een versterking van de mate van onafhankelijkheid in de uitoefening van het toezicht. In België stelt men de dominantie van co-working space amsterdam referentieaandeelhouders binnen Raden van Bestuur ter discussie. Wat Duitsland betreft kan men zich afvragen of daar de deelbelangen niet te zeer in de toezichtsstructuur zijn geïnstitutionaliseerd. Voor het Nederlandse vennootschappelijke bestel heeft de Commissie-Peters een aantal aanbevelingen gedaan, waarin het aspect onafhankelijkheid expliciet (de aanbevelingen 2, 5 en 10) dan wel impliciet (de aanbevelingen 4, 7, 8, 12, 13 en 20) aan de orde is.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *